en | nl | fr
An error has occurred. Unhandled error loading module.
An error has occurred. Unhandled error loading module.
An error has occurred. Unhandled error loading module.

Ideeën omgevormd in reële tastbaarheid
Smederij Dujardyn artconcept uit Oostrozebeke

 

Steven en Brecht Dujardyn hebben een ambachtelijke smederij « Dujardyn Artconcept » in het West-Vlaamse Oostrozebeke, bij Kortrijk (B). Ze smeden poorten, luchters, luifels, ornamenten, trapleuningen, deurklinken, uithangborden, tuinbeelden  enz.

 

Nog tot voor een halve eeuw telde ieder dorp in Vlaanderen één of meerdere smeden .

In het West-Vlaamse Oostrozebeke was het niet anders . Reeds vanaf de 17-e eeuw werden de smeden van de Kalberg vermeld .

Het smedenambacht , met Sint-Elooi als patroonheilige , was reeds gestructureerd vanaf de 12-e , 13-e eeuw . De ambachten waren beroepsorganisaties die instonden voor toezicht op het kwalitatief hoogstaande werk van hun leden .

 

De industriële revolutie van rond 1750 had ervoor gezorgd dat de meeste landelijke smeden zich “ moderniseerden “ en dat nieuwe metalen landbouwwerktuigen , zoals metalen ploegscharen vervaardigd werden . Natuurlijk werden de paarden nog steeds met hoefijzers beslagen , maar ook de wielen van de boerenkarren kregen nu hun ijzeren beslag .

De edele smeedkunst werd in de daaropvolgende 200 jaar overwegend als louter constructief of functioneel beschouwd . Slechts in uitzonderlijke gevallen herinnerde men zich dat de kunstschilder Quinten Matsys ( ° Leuven , ca 1466 - + Antwerpen , 1530 ) , geboren uit een familie van gerenommeerde smeden , een andere dimensie had durven geven aan de smeedkunst. Daarvan getuigt zijn beroemde “ Waterput” op de Antwerpse Handschoenmarkt .

Nu de laatste decennia niet alleen het aantal smeden sterk is afgenomen vermits de afzetmogelijkheden naar het louter constructieve en functionele , zeg maar utilitaire , greep men opeens terug naar de estethische , artistieke en decoratieve functie van de smeedkunst .

De wedergeboorte van de kunstsmederij

Uit deze traditie was Quinten Matsys, vader aller smeden. Opmerkelijk is het feit dat de smeedkunst de kleinste dorpen bevruchtte. Die kleinere dorpen op een boogscheut van Gent waar ooit de legendarische Dunstan verbleef, aan wie wij de legende van het gelukbrengende hoefijzer danken, schreven op hun manier geschiedenis. Wakken, ooit een Graafschap en met stadsrechten voorzien, werd nog tot diep in de zestiende eeuw het ' Versailles van Vlaanderen " genoemd en de Oostrozebeekse smeden leverden gedurende twee, drie eeuwen een eeuwenoude traditie over. Smeden luisterden naar de naam " Smet ", in de volksmond " Smetse Smee " . Vreemd genoeg blijven jongeren, zelfs soms onwetend van een rijk verleden, de traditie voortzetten.

Doorheen de eeuwen zijn er steeds smeden-kunstenaars geweest . Denken we maar aan de legendarische draak op het Gentse Belfort . Geconstrueerd in de jaren 1377 – 1378 , liefst 3,70 meter lang , met koperen platen die op een smeedijzeren frame werden geplaatst .


Natuurlijk werd het kunstzinnige al eens met het constructief-utilitaire verenigd , zoals bij de prachtige gas- of straatlantaarns , de vierkante meesterwerkjes die vanaf 1860 ( de allereerste in Zottegem ) werden opgehangen aan prachtige smeedijzeren armen . Het zijn maar enkele voorbeelden .

“ Jeder ist seines Glückes Schmied “ , zegt een aloude Duitse spreuk . Vrij vertaald staat het op de schoorsteen boven het vuur , in de smidse van de gebroeders Dujardyn uit de Oostrozebeekse Onze-Lieve-Vrouwstraat te lezen : “ De smid smeedt het geluk van zijn eigen leven . “

Brecht Dujardyn, een nog vrij jonge Oostrozebeekse kunstsmid , vond de perfecte symbiose bij zijn broer Steven Dujardyn. Nadat beide broers , ieder op hun terrein , alle mogelijke opleidingen in België gevolgd hadden , kregen ze enkele jaren geleden de unieke kans om zich te gaan vervolmaken in de gerenommeerde Ecole Internationale de la Ferronnerie Française in Muizon , nabij Reims . Voor onze Vlamingen een unieke kans want de “ école “ laat jaarlijks maar tien leerlingen toe , waaronder twee buitenlanders .

Opmerkelijk bij de Ecole Internationale de Ferronnerie Française is wel dat deze school terugkeert naar de middeleeuwse traditie van de kathedraalbouwers , waarbij de ambachtslui blijvend rond de werf bivakkeerden of "“by wake “ ( bij wacht ) bleven bij het door vuur gemarteld metaal . De gebroeders Dujardyn leerden er vrij vlug hoe het er , volgens historische bronnen , aan toe ging op de werven van weleer.

Het schijnt dat het Franse woord bivouaquer , terug naar het Vlaams vertaald als bivakkeren , afgeleid is van het Dietse by wake , wat wachtzaam wezen bij het vuur van de smidse betekent . Dat klopt . Als het metaal gaat gloeien , moet men het bijzonder goed in het oog houden . Metalen gloeien immers op verschillende manieren , het ene metaal gloeit soms sneller dan het andere . Vergelijk het met de keukenkunst . Het is eigenlijk pure feeling .

Dat is overigens de reden waarom de smeedruimte zo schaars verlicht is . In het halfduister kan men pas goed het onderscheid tussen een zachte gloed of een wit-roodgloeiende extase ontwaren . Volgens de gebroeders Dujardyn kan dat neerkomen op een fractie van seconden . Eén bepaald stuk kan op een gegeven moment perfect to the point zijn maar na nauwelijks dertig seconden gesmolten zijn , waardoor alle werk voor niets is geweest .

Eén van de frustraties van de gebroeders Dujardyn bestaat er wel in dat zij zich realiseren dat hele generaties smeden eigenlijk hun vakgeheimen in hun graf meegenomen hebben . Zij stellen dan ook dat zij heel wat “ moeten heruitvinden “ . Enerzijds is hun stelling waar . Geen enkele middeleeuwse of laat-middeleeuwse meestersmid schreef ooit een “ Handleiding tot de Smeedkunst” , of ze zou in de loop der eeuwen al moeten verloren gegaan zijn . Het ambacht werd immers van jong tot oud , al smedend doorgegeven . Anderzijds bleef toch altijd wel iets bewaard , weze het in zoveel gewijzigde versies . Ambachtelijke Smederij Dujardyn Artconcept is er dan ook niet voor bevreesd om bij de laatste oud-smeden inspiratie op te doen . Ieder stukje overgedragen wetenschap is voor hen een welgekomen puzzelstukje .

“ We zijn voor een stukje autodidact , “ stellen ze , “ en wie , zoals wij een kunstambacht uitoefenen , blijft z’n hele leven lang leren . “

Omnivalente kunst

Neen , imposante ijzeren bruggen bouwen , spoorwegen aanleggen of immense smeed- of gietijzeren constructies à la Schuiten of Peeters uitbouwen , is aan de gebroeders (nog) niet besteed . Maar voor de rest zijn zij ongewoon omni- of polyvalent . Het ganse gamma staat op hun programma . Restauratie in al haar facetten is uiteraard een wissel op de toekomst van het verleden . Op zeer authentieke en realistische wijze laten zij smeedkundige kunstparels uit het verleden herboren worden uit vuur . Zoals de Feniks steeds weer uit zijn as verrijst . Of het nu gaat over sloten of sleutels , hengsels , hekkens of smeedijzeren poorten , niets is hen vreemd . Ook kandelaars , luchters , tuinpriëlen , balkons , trapleuningen , enz… , het behoort tot de uitdaging . Zelfs de legendarische straatlantaarns , de druivelaar-luchter voor een wijnkelder of de Jugendstil- geïnspireerde bloem , een combinatie van glas en brons , het kan allemaal .

“ Bezieling is het belangrijkste , meer nog dan de techniek . Naast het geestelijk vuur is er natuurlijk het smidsevuur , maar het één kan nooit zonder het ander . Arbeid is een menselijke basisbehoefte maar voldoening vinden in Uw ambacht is essentieel . Dat heilig vuur straalt ook uit het eindresultaat . En … , geen enkele machine kan dat nabootsen . Een machine kan de perfectie benaderen , maar ze kan nooit de ziel bieden . “

Steven en Brecht Dujardyn weten wat “ de ziel” betekent , ze kennen zelfs het verhaal van de zwarte ziel van “ Smetse Smee “ , uit de “ Légendes flamandes et wallonnes “ ( 1857 ) van de bekende schrijver Charles De Coster ( 1827 – 1879 ) , auteur van “ De legende van Tijl Uilenspiegel” , of ze herinneren zich het boek van Ernest Claes ( 1885 – 1968 ) , “ Onze Smid “ ( 1932 ) . Steeds zijn zij bezig met een “back to the roots” , zoals dat tegenwoordig zo mooi klinkt in het Vlaams .

Zoals de “ uomo universale “ , de universele mens , - een 16-eeuws ideaal - , weten de gebroeders Dujardyn mekaar te vinden . Eigenlijk hebben zij , bewust of onbewust , hun idealen vereeuwigd in een aloude Franse spreuk , “ Vivre entre cour et jardin “ .

Het is een verademing , te weten dat er op heden , naast de nog schaarse smeden , een generatie kunstsmeden is opgestaan . De historische dorpssmidse behoort intussen wel tot het verleden ,  maar de edele smeedkunst , kunstzinnig tot in het gelouterd vuur van de diepste ziel , overleeft in ideeën , omgevormd tot reële tastbaarheid .

Metaalkunst bestaat .

De auteur is zoon van één der allerlaatste ambachtelijke smeden van de Oostrozebeekse Kalberg en groeide op tussen “ het heilig helse smessevuur “ . Het kunstzinnig werk van de gebroeders Dujardyn omschrijft hij als “ impressionant” , “ gedurfd authentiek” en bij wijle zelfs “ ronduit magisch “ . Met dank aan de heer L. Demedts 

 

 

Hieronder volgt een tekst geschreven door Tjacolien Wiersma,     

    

Tjacolien Wiersma is sinds lang een goede vriend en kind aan huis bij de familie Dujardyn. Ze is beeldend kunstenaar en vormgever.

Zeer gedreven en gekend in binnen-en buitenland. Ze is leraar voor de vakken Handvaardigheid, tekenen, kunstgeschiedenis en kunstbeschouwing. Naast het maken van vrij werk is Tjacolien ook vormgever.
De toegepaste opdrachten benaderd ze vanuit haar kunstenaarsschap.

www.tjacolienwiersma.nl 

 

GODENZONEN

 

Samen bezoeken we de indrukwekkende Tefaf Art Fair in Maastricht (Nl). Steven Dujardyn, kunstsmid uit Oostrozebeke (B.) staat ademloos te kijken naar een 18e eeuwse metalen kist in de stand van een galerie uit Milaan.

Onder de deksel is een uiterst ingewikkeld slot te zien van één meter breed. Elk kasteel of burcht bezat zo’n metalen kist voor het bewaren van eigendomsaktes en documenten over verkaveling van het land. De kasteeleigenaar kon met een sleutel in een handomdraai het ingewikkelde mechaniek in werking stellen om zich toegang te verschaffen tot de inhoud van de loodzware kist. Vakmanschap ten top. Steven en de Italiaanse galeriehouder gaan met elkaar in gesprek over het restaureren van eeuwenoude smeedkunst. Als Steven vertelt dat hij met zijn broer verantwoordelijk was voor het restaureren van een deel van het deurbeslag van de Notre Dame in Parijs volgen bewonderende uitroepen en wisselen de heren wetenswaardigheden over de bijzondere en prestigieuze restauratie uit.

 

De Cathédrale Notre-Dame de Paris (Onze-Lieve-Vrouwekathedraal van Parijs) is een imposante, in vroeggotische stijl opgetrokken kathedraal op een eiland, in het centrum van Parijs. De eerste steen werd in 1163 door paus Alexander III geplaatst. De bouw werd in 1345 voltooid. Gedurende de 182 jaar van de bouw werkten meerdere generaties smeden dag en nacht op het terrein en hielden het vuur gaande. Vakmanschap werd al smedend doorgegeven van vader op zoon.

In de kathedraal worden drie relikwieën van Christus bewaard: de doornenkroon, een stuk uit het kruis en één van de nagels waarmee Christus gekruisigd werd. IJzeren Nagels gesmeed door een kleine smidse, op een steenworp afstand van Golgotha.

Al sinds de Middeleeuwen is St. Elooi de beschermheilige van alle smeden die de hamer hanteren. In de kunst is hij regelmatig afgebeeld met een afgesneden paardenpoot in zijn handen. De legende gaat dat Elooi op een dag gevraagd werd een paard te beslaan. Het paard was echter zo onwillig dat Elooi beurtelings de vier poten van het dier afsneed, ze besloeg en vervolgens weer aan het dier vastsmeedde. Steven en Brecht groeiden ook op tussen de paarden. Hun vader restaureerde koetsen en moest daarvoor ijzeren elementen vernieuwen. Daarvoor maakte hij een klein smidsevuur waarin hij het ijzer liet gloeien. Het sprak de zonen tot de verbeelding. Ze maakten hun eigen zwaarden.

Op de Kalberg van Oostrozebeke houdt Brecht Dujardyn de smeedhamer soepel in zijn gespierde armen. Op het aambeeld smeedt hij een onderdeel van een poort voor een Franse klant. De poort krijgt zeer sierlijke, gebogen onderdelen met vergulde elementen. Reeds in de 17e eeuw werden de Smeden van de Kalberg vermeld. Steven en Brecht Dujardyn kregen  enkele jaren geleden de unieke kans om te studeren bij des Compagnons du devoir aan de gerenommeerde Ecole Internationale de la Ferronnerie Française in Muizon, nabij Reims. Voor de gepassioneerde Vlamingen een unieke kans, want de “école“ laat jaarlijks maar tien leerlingen toe, waaronder twee buitenlanders.

Op de Tefaf bewonderen we verder enkele Japanse zwaarden. In de 12e eeuw waren de Japaners de meester-smeden van de wereld. Een blad van een zwaard kon gesmeed worden uit 200 lagen metaalfolie waardoor het zwaard enorme eigenschappen verkreeg.

We zien een schilderij van Apollo in de smidse van Vulcanus, de Romeinse god van het vuur, de edelsmeden en de vulkanen. Moeiteloos vertelt Steven de achterliggende verhalen en allegorieën. Vulcanus was bij zijn geboorte zo lelijk dat zijn moeder hem niet wilde en hem van de Olympus afwierp. Gelukkig kwam hij in zee terecht en kon hij opgroeien doordat hij werd gevonden werd door twee nimfen. Toen hij volwassen was bouwde hij een smidse onder de vulkaan Etna. Juno schonk hem na het maken van een fraaie troon de mooie Venus (godin van de liefde).

De Vlaamse gebroeders hebben overigens geen Venusfiguur nodig voor hun welzijn in de smidse. Op de schoorsteen boven het vuur hangt een tegel met een oude Duitse spreuk “Jeder ist Seines Glückes Schmied”. Vrij vertaald betekend het “ Ieder smeedt het geluk van zijn eigen leven”. Zeker en vast.

Ik blijf me afvragen of we hier met Godenzonen te maken hebben. Geïnspireerd door het Heilig Vuur, onvermoeid op zoek naar smeedtechnieken die ambtsbroeders in hun graf meebrachten. Ja, we kunnen hen Godenzonen noemen.

 

 

 

An error has occurred. Unhandled error loading module.
An error has occurred. Unhandled error loading module.
An error has occurred. Unhandled error loading module.